Sitemap

1894 Govaerts Pierre en Francois Marie Agnes gezin

site search by freefind advanced
 

HEERS
EN ZIJN 12 KERKDORPEN

Geschiedenis, anecdotes, verhalen en famliliefoto’s over Heers en zijn deelgemeenten

U bevindt zich hier:

Gemeenten

Informatie

Nieuws uit Heers

|   Home |   Mechelen-Bovelingen |   Mechels Dialect

Het Mechels dialect.

De hiernavolgende regels zijn door mij ( als Meichelier) opgesteld, ze zijn zeker niet volledig en kunnen  bovendien ook voor verbetering en aanpassing vatbaar zijn. Ook de woordenschat is onvolledig en ik hoop dat jullie die zullen aanvullen. Terloops kan ik misschien hierbij vermelden dat het dialect van Rukkelingen op dit ogenblik hiermee kan vereenzelvigd worden, want in de laatste decenia zijn beiden naar elkaar toegegroeid en vormen een uniek en zelfstandige dialekt..

1.Voorgestelde regels.

a) Overeen te komen tekens.

()   = onbeklemtoonde (doffe) klinker :  ( )    vb : d
(^)  = zwaar beklemtoonde klinker of lange klinkers (i, a, o)   :  vb : rebid.
 (“)  = lange klank (tweeklank) : vb : ,  “aa, “oo
 (’)  = onbeklemtoonde klinker met naslag : di’je (deze), go’wn (gaan),
          schi’jr (schaar)
 () en () =  zoals in lve (Fr)
 () =  ook zoals in “mais” (Fr)
  (..) = fonetische weergave.

b) Gewijzigde klanken-    

Ae /a  wordt        
                       a    :  het is af  = ’t ees af
                                  haas  = has                                                  
                             :  wtter : water 
                        ie      : schaar      = skier  (ski’jr   
                        o      : gaan= gon (hij moet gaan zitten)

                       o     : rad (wiel) = rod (ro’wd)
                                   baan =  bon (bo’wn)
                                   dragen = drogen (drog)
                       oe   : gaan = gon (go’wn) (naar bed gaan)
                                    Straat =  strot (stroe’wt)
        -     
                                                  )
  Aai    wordt        o   :vlaai = vlo
   Ee     wordt        i       : steel = stiel
                             E    : veel = vel
   E       wordt        i        : hen = hin
                            -
   Ei      wordt          : beitel = btel
                                  : meisje = mtske
                              i   : heimelijk = himlk (himl’ek)

   Eeu  wordt            a :  sneeuw = snow
                                 If  : leeuw = lif
                                 Iv  : schreeuwen = schrive
    Ie  wordt                ij      knie = knij
                                  Ia    : bieten = rebide

    Oe  wordt              uu    : zoet = zuut
                                       : moest = mos
                                   Au   : koe = kau
    Ou  wordt               : oud = d
                                 O : hout = hot (hoew’t)

    Oo – o    wordt   e      : droom = dreum
                               O     : roken = roke
                               Ooi    : vlo = vlooi
                                     : boom = bm
     O     wordt          oo      : trog = troog

     UI  wordt             oe    : buik = boek
                                 Au   : kuil = kaul
                                  O   : vuil = vol (vaul)
                                          : Huis = hos (hou’ws)
                                  U     : juist = djus

c)  Wegvallen en wijziging van medeklinkers.

- de “r” valt weg            :   kort = kot
- de “t” valt weg             : lucht = lch
- de “d” verandert in “g” : Gelinden = Gelnge  of  kinderen = knger
- de “sch” wordt “sk”    : schoon = skn   of  schuur = skr
- de “s” verwisselt van plaats met de “p” : hesp = hps of wesp=wps
- het meervoud wordt gevormd door verscherping van de klank met
  weglating van de uitgang –en  : vb zak – zakken = zk
                                                         Boom-bomen = bem

d) Werkwoorden.

De overgrote meerderheid van de zwakke werkwoorden worden eveneens alzo vervoegd (zelfs als ze door een gans ander werkwoord worden vervangen).
   spuwen = spauwe, spaude, gespaud
   blaffen =  bile, bilde, gebild

                                  De sterke werkwoorden worden :
ofwel merendeels alzo vervoegd :
                                binden = bnge, bnk, gebnge.
   Vinden = vnge, vnk, gevnge.
                                Rijden (te paard) = rije, r’jd, geri’jn
                                Hebben = heubbe, ha, gehad
   Zijn = zn, w’s, gews.
   Doen = de’wn, de’j, gedo’wn
ofwel als zwak werkwoord vervoegd :
                                gaan = go’wn, goenk, gego’wn
                                lezen = lize, lisde, gelize
ofwel vervangen door een ander werkwoord dat doorgaans zwak wordt vervoegd :
-rijden (met de auto) = vore no, vo’de, gevod
-slaan = hoo’we, hoo’de,gehood
                                       -spreken= klappe, klabde, geklab(d)
-worden = wine, winde, gewind.

e) Specifieke woorden. (eu wiuttje Mchels)

aandrukken : steunggl
aanmaakhout = fnkelho’wd
Aanrichten : te bakke make
aardappel : ijappl (M), jalper (H)                             
aardbei = izebi’jr (M) Jaadbei (H)
aarde : jaad(H), Ied (M)
achterklap : gekoenklefoes
afdak : skaul
afzien : mattl
allemaal : amml
angst : ontrausse
Angst = ontroc (skau’kts)
aren lezen : oest
armvol : rrvl
asfalt, teer godron
averechts, tegendraads : terwjaa’s
avond : nosks
avond : o’vt
azijn : k
baksteen : kri’l
bang : skauw
Bangerik = skau’skijter
bedrieger : brdli’r
beenkap : strmp
beet : boe’f
behoorlijk : te goei’
bergplaats : g’t
berm : grch
bessen : kroesl
bewegen : hrgan
bezig zijn : gwjne
bezwijming : kolll
biet : rebjt (fr robettes)
bietentijd :  rbjidntij’t
big : kurre
bij stonden : bsteu
blaffen : bile
bleiter : ki’kkont
bliksemen : hwi’re
Blokspijkertje: trats
bonen : boenne
borstel : bossel
bosje gelezen graanhalmen : zang
braak stukje grond : dris, driske
brier : hekkestl
brievenbus : bwat (bote)
broedwillig = bro’wdkorig
buil :euts, kneuts
Bult : kroef :
Comdiant : maulentrker :
compot  -prt
dal : dl (dl)
de galmgaten : galmgotters
de veearts : den artis
de WC : hske
Deken : sode
delikaat van huid : frowwe
deugniet :vring
dikke knikker : kadstr
disselboom : dsem
distel dissel
dochter : dgtr
doek, lap : slat
domme vergeetachtige vrouw : hollemteut
doorgelegen : gesmot
drinkbeker : snl
duiver  = devo’jn
durven : di’jre
dweerse gracht : dwjzgraach
een tijdje : steuttje
een wind laten : wls
eerste : joste
ekster : krrgt
emmer : tob
emmer: tob
enorm : labndig
er uitzien als, toegetakeld : te ps zijn
eten : jtt
etter : .mterie
Fel : temns
Fiezelen : kauzelen
fopspeen : seuts
ga zitten : Zt oech da’l .
gang, voorhuis : veurrs
gat : ko’t
bezig zijn, het marcheert : geingig
Gelijk wat = prei
Geneigd : skeutig
Geroezemoes : 
kruidnagel : djroffel
gerst :g’s
geslachtsdelen : gemeich
gesneden beer :brg
stout : gstrija’dig
zopas : gstreich
gevaarlijk : Prkkloos
gevel : heu’band
gimoofke
gierig : hool
Gilet = kammezol
ginds : hinger
gist : hf
glijden : rddl
goot van het dak : de deuzze
gracht verzorgen : grchten
graszode : r’s
grbbelen :hamsl
grllig
grens : r’n
grenssteen : r’jnstn
groot aantal (kudde) : kt
gulp : preut
haagbes : spik          
haas = hos
hagelen : hachle
hak : krbbel
hakmes : kstl
handschoenen : hste
handtas : sakoche
hanengevecht : combat
hard werken : blsen
harden (van zeis) = hode
hark : gritsel
heel zeker :  mdwl
heerd : hijad
hek : brir
hek : = gor
hemd : himme
hemd : hmme
hennenkot : polder
hersenen : jossen
hesp : hps
het salon : d go’j plak
hiel  = vs
harden van zeis : hadde
hoepel : rnk
homo :hinnekont
houten stijl : plotte
houweel : pijosch
Huilen = grinse
hmme: hemd
iemand die altijd weent : Tjoenkbtt : jankr
ijdeltuit : hvrou’w
jammer : zeun
jas : paltw
jsroom : zoan
jeuk : juksel
jong meisje : jeunk
jong paard : bdt
jong varken : kurre
juist : krk
Kalkbak :spierewie
Karnoffel : kernoefel
kast : ska’p
kastanje : ksteungl
Kastl : hakmes : kastl
kat : tuus
kelder : kjalder
kermen : kuim
kern : ki’jan
kersen : kjia’ze
Kettinglid = l’jd
keutel : kttel
kip-kap : heutki’s
Klats : hoeveelheid : klats
klatsoor: zweepje
kleerkast : gardroop
kliemie.eker : kleermaker : klimi’ker
klimmen : klddre
knechten : scalken
knikker  = moi’j
knook : wi’r
knoop : knppl
koe : ka’w
koepn : reisbiljet : kopon
koer : speelplaats : kor
koestal : ka’wstl
koeter : vatjie
kokkin : k’k
kolenschop : plt, pleut
konjel:
Kool = reskske’jl
koolbloem : papaver : kolbloem
koorts : kots
koren : ka’n, grein
korf : b’s
kouseband : kasbngel
kravat plastron
Kruipen = klddr ( kra’pe)
Kus = poen
kussen.: poenen
kwikstaart : akkermnnk
laarzen : strmp
lade : la’we
leeuwebek : gapsmal
lekstok : streubtj
lenig : lips
lijm : kol
lucifer : krtske , prmke
Lucifer (solferstksk)
luiden : tamp
Luiden= lui’j, tmpe
Luik : vensterplaffetr 
Mas=trkterf 
Mand=bs
meeskoet : mesthoop
meid : moch
meikever :=prosweurm
mengen : mngl
merel : mlo’on (fr merloon)
mest : m’s
met geld naar een lijn gooien : skru’me
meter :pa’wt
Middagmaal =nun
midden : milland
mier : moe’lmtMier=mirmt
mist : doemplooch
misviering : m’s
modder : ms
moedervarken : zoog
mond :bebbel
morren : sml
morsen : braddl
morser :  smodderkont, smoddri’r, smoe’s
motorrijwiel : tuf
Mouw=ma’w
mutsaard : mjotsl
naar huis gaan : tos gan
nagelrandonsteking : e’wottel :
netel : ittl
netelen : ittle
nietmeer :  nmt
nieuws krijgen : tng krijge
nieuws, bericht : tng
Nijptang=trekkoos
nog maar : jas
middagmaal: noen (nn)
olie : smt
om het even wat : prei
onjuiste gegevens : flw’
onrust, schrik : ontrausse
ontploffen : b’ste
oogzweer : wjan
oosterwind : beis
opnieuw : wirrmal
opzettelijk : veur ekspreis
paal : plot
Paal=plot
paard pjiad
Paard=pjd
paardebloem sjikorrei
paddestoel : foens
parel : pijal
 patat  : iappl
Peen=p’wt
perzik : pjatsl
peter : p’t
pier : piering
pinksteren : pnks
plaats : plak
plaats met lindebomen : lienen, lintje
plan : kli’
plantrekker : klommri’r
iemand die te vermurwen is, die hangen blijft : plt
poen : kus : poen
porei : pr
pree : zakgeld : pr
proberen iets te bekomen : skeir
puist :broebbel
punaise : trats
ram : wr
regenjas : kbon
 regenjas.: imprmibel
Reiskaartje=koepn
rem : frein
remmen : sla’wte
ribank : etagre : rie’bank
rijden : va’re
Rijf=gritsel
Ring=r’nk
riool : rgol
riskeren : toepp
Rode bessen= ri’j kroesels
rollen : wll
rntgentoestel : li’ch
samen : btn
schaduw : lommr
Schakel=l’dj
schande : sk’n
schijf spek : broe’
schoensmeer : blink
Schoensmeer=blink
schommel : zwok
Schommelen=zwokken
Schuffel=skoffel
schuifaf : rddlbrg
seffens : astreen
Seringen : lammerstt, st-Jeurisbloem , lillas
skuffel : skoffel
slaag krijgen : poemp krijge, labbe krijge.
slaan : hwe
Slaan=hw
Slagroom=zo’jn
Slechts=i’jas
slede : sleu
slippen : atrtse
smal : hool
smokkelen : smoggl
smoutbol : smtbol
Snede spek=bro’we
sneeuwen :  snowwn
Snelheid maken : klatsoor gieve
snoeper : snoepkont
snoepke : streuntj
sok : veutsl
soms : bsteu
soms :btts
Somtijds=bst, btts
speksnede broe’
speld : pitsr
spijt van hebben :bsnitte
Spinde=sp’nj
spreken : klappe
Spruitjes : reuskeskeul
steegje (voetpad) : stichel
stijl, paal : pt
stoep : bordr
stoep : skallei
Stof : steup
stout : gestrant:
str:ohalm : stroespir
Strohalm=strospir
Stropop (dak)=wij’ep
stropop : weippe :
stuk grond : blook
suikerbol : karbabbel
Suikerbol=karbabbel
talmster,zeur : teu’t
tang : trakks
tas : djat
Tas=djat
tegel : tichel
tegen : slngs
thuis : turrs
Thuis=turrs
toe : tau
trek : beis
treuzelen : nsl
treuzelen: nzln
Treuzelen=lanterfnten
trui : varreus
Trui=varres
tuil : boek
Tuil=boek
tuin : wennf
tuin : wrmshof
Tuin=wnf, wrms
tussenschakel : l’jd
tutter : seuts
tutter : tie
ui : djaun
uitkretsen :Atheulen
uitlaatbuis : sgmntbuis
Uitslibben=otskrnkln
uitslippen : atskrankl
vals spelen : brdl
Van waar ?= van moe ?
veearts : pjadsmestr
Veearts=artis, pji’adsmster
veel :schaftig :
veiligheidsspeld : tauwspl
veiligheidsspeld : touwspl
vensterluik : plaffetr
vergaren van voedsel : reup
vergissen  : vrd’le
verkeersbord : handweizer
verkwisten : verdistrwi’re
Verkwisten=vrdistrwi’jr
Vernietigen= verro’sten
Vers : vja’s
verstoppertje spelen : lonkkat
versturen : skikk
verzenden :  opskikk
vest : kammezol
veter :stattel
Veter=stattel
violetje : flt
violieren :flieren
vleien : fletsen
Vleien=fletsen
vlier : heulenti’r
Vlier=heulenti’jer
vliering :bjolder
Vliering=bilder
vlinder : piepel
Vlinder=piepel
vogelkooi : galjoel
voorschoot  : veurrk
Voorschoot=veirk
vrijen : krsi’re
Vrijen=kersi’jre(n)
 Vroedvrouw=weisvr
vrouw die schulden niet wil betalen : kl’j
vrouwelijk konijn : vooi’
vuil wijf : vaul brod   
Waar ?= mo
waarom : moeveur
waarom : veurw
Waarom ?= moever ?
Wagen (op 3 wielen)=galjo
wagen : keir
warmoes wrmshof
waterbak : sitrn
WC : skeithske
Wedde=trk
weduwe : weef
Weggaan=fotgon (fotgo’jn)
wenen : grinse
wenen : tjoenk
werklustig : nggr
wesp : wps
Wesp=wps
wieden : gie’je
Wieden=gi’je
wiedstok : gijet
wilg : wei
Wilg=we
witloof : sjikorrei
woelrat : dolrat
worm : mouw
Worm=mo’w
wortel : p’wt
wroedvrouw : wijzevroow
zaaigoed : zeitsel
zacht koken : prtl
Zacht praten :fiezelen
zadel : za’l
zak : kalb’s
zak mal
Zak=mol
zakdoek : molesdoek ,moasdoek
Zakdoek=molesdoek
zat :poepeloere
zeefdoek, kaasdoek : semeindoek
Zeepsop=leter
zeer : br
zr korte periode hanengeschreeuw : haneskrif
zekering : plon
Zenden=opskikken
zetel : zjttstoe’l
zever : prt
zeveraar : kusmnklt
zeverkont
zojuist : djus
zonder geld : plut, blut
zonder goesting : de flm
zorgen : ambrs
Zorgen=ambrs
zot : dll
zwaar sshot : karbabbel :
zwachtel : vi’as
zwaluw : zwlvr
zweep : smt
Zweep=smt

2.Specifieke uitdrukkingen

zijn woord niet houden.-zenne kazak drei’je
verleden week = de wi’k da door ees.
Vreemd voorkomen = eut zal hum vore
Er belang instellen = kas van iets moken
Evenmin als jij =nie mr as djie.
Last zoeken = ambrs zukke
Gaat zitten = zet oech
Kost veel geld = da ko’s dir
Opgang gaan = op zwier go’wn
Iemand plagen=immand treitere
Mest uitstrooien= ’t ms brijek.
Geef me een emmer= gf mich n’n tob.
Een levendige angst hebben n lftige ontroce hebbe.
’t is hetzelfde= ’t ees prei
’t is pas vijf uur= ’t ees jas veif oere.
’t is dringend = ’t persie’jt.
Dat is ongelofelijk : da ees vijf frang wjaat
De koe tuieren in de beemd = d kaw tui’jre n de bmmed.
Ik ga u een oorveeg geven : kom hij, da ich oech eun lab gief
Iemand blij maken met een dode muis
Een arm luis
Zijn luizen tellen
Hij heeft het haar niet op
Hij luistert gelijk een vink dat marcheert als een fluitje van een cent
Dat gaat lijk een smeetje
Op zijne frank staan.
Bratsen gaan.
Da’s ene pijper (grapjas)
Hij is de steukke vaneen (doodmoe)
Djie koent heum onner eun klak pakke.
Dieje heet zenne paosse gehaa
Bl onner zen arm
Zen maolle vlle
De krommen has authange
Zenne peere zien

 Vie’j begnne eut spl “hr” opna’w. (helemaal)
 Hi’j s nooit of van z li’ve op tiid. (nooit of nooit)
 Hi’j ws “hum”(zichzelf)
 Now “zt hem ok iet”( ook eens)
’t is “wrd” weiveul die’j man kan dreenke (Opmerkelijk hoeveel)
’t “ is te bont” da die’j jonge ni wilt luistr (Erg)
Dei tkening ees “ ro’zend” skoon (Uitstekend)
Da spl ees “prkkls” (Gevaarlijk)
Eut wi’jr ees “labendig” sleich  (Zeer)
Da ees “skeubbig”man. (Raar)
Hie’j ht mich die’je boek “veurgoed ggi’ve”  (Geschonken)
Ich heub die’je moi’j “veur ko’wd gekregen”. (In bruikleen (niet definitief)
Eu deu’j mich “veur ekspreis” ligge gon. (met opzet)
‘t ees “jas” veijf oere. (nog maar, pas)
Zeun kloette dron viege (zich het niet aantrekken)
Op zen pens loope (iets voor niks willen krijgen)

                                                                                          
Meichels :
Ees het kotste dialek van Bels en dus ok het efficinste
’t ees zeker kotter dan eut  “ Liiiiiiimbuuuuugd”.
Ls mar ne keer !


Dat behoort tot de mogelijkheden :
da kan.
Hieromtrent kunnen wij geen enkele zekerheid bieden :
Djie weet mar nooit
Zou u dat aub. eens willen herhalen.
Waa?
Ligt dat in de lijn der verwachtingen ?
Zoow’et?
Hiermee denk ik eigenlijk problemen te krijgen.
Da ees de doot.
Daar heb ik in het bijzonder een hekel aan.
Da ees van mijn klootte.
Hetgeen u mij vertelt, verwonderd mij ten zeerste.
Waa djie nowe zeek.
Deze informatie is geheel nieuw voor mij.
Da’s nouws.
Ligt het binnen het kader van onze bevoegdheid ?
Kan da ?
Mag ik veronderstellen dat u het voorgaande allemaal begrepen heb?
Heedjie eut door ?
dat is heel spijtig en jammer.
Das zeun


Om over na te denken !
Met het Mechels als voertaal kan je ruim 80% bezuinigen

Of :  eent Meichels git eut rapper.

Jos Schoefs februari 2019

                                                                                          

 

©GvSw2002-2018

Disclamer

Contact

Medewerkers-auteurs

get_adobe_reader

GvSw webdesign